ECLI:NL:RVS:2025:3361
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering minister
De minister van Asiel en Migratie wees op 14 november 2024 de aanvraag van betrokkene voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. Betrokkene stelde beroep in tegen dit besluit. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat de minister een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van de uitspraak.
De minister stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling overwoog dat de minister in haar beoordeling van de situatie in Jemen, zoals opgenomen in het beleid en de Kwalificatierichtlijn, niet alle relevante omstandigheden voldoende heeft meegewogen en onvoldoende heeft gemotiveerd waarom niet wordt voldaan aan de uitzonderingssituatie onder artikel 15, aanhef en onder c, van de Kwalificatierichtlijn.
De Afdeling bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Tevens veroordeelde zij de minister tot vergoeding van de proceskosten van betrokkene, die verband houden met de behandeling van het hoger beroep.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep van de minister ongegrond.