ECLI:NL:RVS:2025:3450
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering humanitaire situatie Jemen
De minister van Asiel en Migratie wees op 4 februari 2025 de aanvraag van betrokkene om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep van betrokkene gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat de minister een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van de uitspraak.
De minister stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat de minister onvoldoende had gemotiveerd hoe zij de slechte humanitaire situatie in Jemen, samen met andere relevante informatie, had meegewogen bij de beoordeling onder artikel 15 van Pro de Kwalificatierichtlijn.
Daarmee was de rechtbank terecht tot vernietiging van het besluit gekomen. Het hoger beroep van de minister werd ongegrond verklaard en de Afdeling bevestigde het vonnis van de rechtbank. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van betrokkene ten bedrage van € 907,00.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de vernietiging van het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel en verklaart het hoger beroep van de minister ongegrond.