ECLI:NL:RVS:2025:3515
Raad van State
- Hoger beroep
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 20 juni 2024 de aanvraag van betrokkene om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. Betrokkene stelde beroep in bij de rechtbank, die op 28 november 2024 het besluit vernietigde wegens onvoldoende motivering van de minister over de humanitaire situatie in Jemen en de toepassing van artikel 15 van Pro de Kwalificatierichtlijn.
De minister stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze oordeelde op 28 juli 2025 dat het hoger beroep ongegrond is omdat de minister niet deugdelijk had gemotiveerd hoe de slechte humanitaire situatie in Jemen en andere relevante omstandigheden waren meegewogen.
De Afdeling bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en veroordeelde de minister tot vergoeding van de proceskosten van betrokkene. De uitspraak benadrukt het belang van een zorgvuldige en volledige motivering bij besluiten over asielaanvragen in uitzonderlijke situaties.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de vernietiging van de afwijzing van de verblijfsvergunning en verklaart het hoger beroep van de minister ongegrond.