ECLI:NL:RVS:2025:3807
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet in behandeling nemen aanvraag verblijfsvergunning asiel
Appellant heeft bij besluit van 13 augustus 2024 een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister van Asiel en Migratie heeft dit verzoek niet in behandeling genomen. Appellant heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die het beroep ongegrond verklaarde op 7 november 2024.
Appellant ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling heeft het hoger beroep gegrond verklaard en het eerdere vonnis van de rechtbank vernietigd. Tevens vernietigt de Afdeling het besluit van de minister van 13 augustus 2024.
De Afdeling baseert zich op eerdere jurisprudentie met betrekking tot het interstatelijk vertrouwensbeginsel, zoals uiteengezet in haar uitspraak van 23 juli 2025 (ECLI:NL:RVS:2025:3305). Op grond hiervan oordeelt de Afdeling dat het besluit van de minister onrechtmatig is.
De minister wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellant, die geheel toe te rekenen zijn aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand, tot een bedrag van €1.814,00.
De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 13 augustus 2025.
Uitkomst: Het besluit van de minister om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen is vernietigd en de minister is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.