ECLI:NL:RVS:2025:3981
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over informatieverstrekking politiegegevens appellant
Appellant verzocht de minister van Defensie om informatie over zijn verwerkte politiegegevens. De minister verstrekte een besluit waarin werd gemeld dat persoonsgegevens in drie mutaties waren verwerkt, met betrekking tot overdracht door buitenlandse autoriteiten in 2018, 2020 en 2021. Appellant stelde dat de verstrekte informatie te summier was en startte een beroep bij de rechtbank.
De rechtbank vernietigde het besluit omdat de informatie onvoldoende was, maar liet de rechtsgevolgen in stand omdat appellant geen toestemming gaf om geheime stukken in te zien. Appellant stelde in hoger beroep dat hij de toestemming niet kon geven omdat hij de brief niet had ontvangen, maar de Afdeling oordeelde dat appellant voldoende gelegenheid had gekregen en dat het niet nemen van maatregelen om post te verzorgen voor zijn risico kwam.
De Afdeling concludeerde dat de minister in beroep aanvullende informatie had verstrekt die wel voldeed aan het informatierecht. Daarom bevestigde de Afdeling de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond.