ECLI:NL:RVS:2025:4018
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting en presentatie bij diplomatieke vertegenwoordiging afgewezen
Verzoeker heeft een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend, die door de minister van Asiel en Migratie op 11 maart 2025 is afgewezen. Hiertegen heeft verzoeker beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, die op 10 juli 2025 het beroep ongegrond verklaarde. Verzoeker stelde vervolgens hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening toegewezen, waarbij is bepaald dat verzoeker niet mag worden uitgezet en niet mag worden gepresenteerd bij de diplomatieke vertegenwoordiging van Gambia zolang het hoger beroep loopt. Tevens is de minister veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker, ter hoogte van € 907,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
De uitspraak is gedaan op 20 augustus 2025 door voorzieningenrechter M. den Heyer in aanwezigheid van griffier S. van Driesten. De voorlopige voorziening beschermt verzoeker tegen uitzetting en presentatie totdat het hoger beroep is afgerond.
Uitkomst: Verzoeker wordt voorlopig niet uitgezet en niet gepresenteerd bij de diplomatieke vertegenwoordiging van Gambia totdat het hoger beroep is beslist.