ECLI:NL:RVS:2025:4495
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitspraak rechtbank inzake verblijfsvergunning asiel
De minister van Asiel en Migratie wees op 30 september 2024 een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. Dit besluit werd op 22 juli 2025 ingetrokken. De rechtbank vernietigde vervolgens het intrekkingsbesluit en beval de minister binnen vier weken een verblijfsvergunning te verlenen.
De minister stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening om uitvoering van de rechtbankuitspraak op te schorten. De voorzieningenrechter van de Raad van State oordeelde dat het niet aannemelijk was dat de uitspraak van de rechtbank in stand zou blijven en gaf daarom de voorlopige voorziening.
Hierdoor hoeft de minister de uitspraak van de rechtbank niet uit te voeren totdat het hoger beroep is afgerond. De voorzieningenrechter bepaalde dat de minister geen proceskosten hoeft te vergoeden. De uitspraak werd op 24 september 2025 in het openbaar gedaan.
Uitkomst: De minister hoeft de uitspraak van de rechtbank niet uit te voeren totdat het hoger beroep is beslist.