ECLI:NL:RVS:2025:4514
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing huurtoeslag wegens overschrijding vermogensgrens door schenking
De Dienst Toeslagen heeft bij besluit van 15 juli 2022 de huurtoeslag van appellante over 2021 definitief berekend en op nihil gesteld, omdat haar vermogen op 1 januari 2021 hoger was dan de grenswaarde, mede door een schenking van haar vader van €6.604 die zij eind 2020 ontving en begin 2021 terugboekte.
De rechtbank oordeelde dat de Dienst Toeslagen terecht de gegevens uit de basisregistratie inkomen (BRI) heeft gevolgd, conform vaste rechtspraak, en dat de schenking niet onder de uitzonderingen van de hardheidsclausule viel. Appellante voerde in beroep en hoger beroep geen nieuwe gronden aan tegen deze beoordeling.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. De terugvordering van teveel ontvangen huurtoeslag is niet beoordeeld omdat appellante daartegen geen gronden heeft aangevoerd. De Dienst Toeslagen hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit om de huurtoeslag over 2021 op nihil te stellen wordt bevestigd.