ECLI:NL:RVS:2025:4750
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- M.J.M. Ristra-Peeters
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen weigering verblijfsvergunning asiel
Verzoeker heeft bij besluit van 20 maart 2025 een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de minister is afgewezen. Tevens is verzoeker opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en is een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd.
Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank, die bij uitspraak van 10 september 2025 het beroep ongegrond verklaarde. Vervolgens heeft verzoeker hoger beroep ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en tegelijkertijd een verzoek om een voorlopige voorziening gedaan.
De voorzieningenrechter heeft op 7 oktober 2025 het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen, omdat op die dag op het hoger beroep is beslist. De minister is niet verplicht proceskosten te vergoeden. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter M.J.M. Ristra-Peeters.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning en het inreisverbod is afgewezen.