ECLI:NL:RVS:2025:4769
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit afwijzing aanvraag verblijfsvergunning asiel
Bij besluit van 19 november 2024 wees de minister van Asiel en Migratie de aanvraag van betrokkene om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd opnieuw af. Betrokkene, mede namens haar minderjarige kind, stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat de minister een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van de uitspraak.
De minister stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State. De Raad van State oordeelde dat het hoger beroep ongegrond is omdat het hogerberoepschrift geen nieuwe relevante vragen bevat die beantwoord moeten worden voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming. Het motiverings- en zorgvuldigheidsgebrek dat de rechtbank constateerde kan eenvoudig worden hersteld.
De Raad van State bevestigt daarmee het vonnis van de rechtbank en veroordeelt de minister tot vergoeding van de proceskosten van betrokkene, die verband houden met de behandeling van het hoger beroep. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer op 8 oktober 2025.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het hoger beroep van de minister ongegrond.