ECLI:NL:RVS:2025:4928
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing overname private schuld toeslagenaffaire wegens ontbreken notariële akte
De appellant, gedupeerde van de toeslagenaffaire, verzocht de minister van Financiën om overname van een private schuld van €38.682,- aan haar ex-schoonzus, die jarenlang haar huur voorschoot. De minister wees dit verzoek bij besluit van 20 februari 2023 af vanwege het ontbreken van een notariële akte en verklaarde het bezwaar ongegrond op 8 september 2023. De rechtbank Amsterdam bevestigde dit oordeel in februari 2024.
In hoger beroep betoogde appellant dat de rechtbank ten onrechte het vereiste van de notariële akte toepaste en dat de hardheidsclausule had moeten worden ingeroepen vanwege haar financiële nood en de impact op haar gezin. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat het vereiste van de notariële akte een limitatieve voorwaarde is voor overname van schulden volgens artikel 4.1 Wht. Het betoog over bewijsrechtelijke aard van deze eis werd verworpen.
De Afdeling nam het standpunt van appellant over het intrekken van de exceptieve toetsing van het notariële aktevereiste over. De hardheidsclausule werd niet toegepast omdat appellant geen actuele schrijnende omstandigheden kon aantonen die samenhangen met de weigering tot overname. De eerdere financiële nood tijdens de toeslagenaffaire valt niet onder de hardheidsclausule. De Afdeling bevestigde het vonnis van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van de minister tot afwijzing van de overname van de private schuld wordt bevestigd.