ECLI:NL:RVS:2025:5128
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting en toekenning opvang in asielprocedure
Op 13 juni 2025 wees de minister van Asiel en Migratie het verzoek van de verzoeker om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het beroep van verzoeker tegen deze afwijzing op 16 oktober 2025 ongegrond. Verzoeker stelde hiertegen hoger beroep in en vroeg de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overwoog dat het verzoek om voorlopige voorziening gegrond is en bepaalde dat verzoeker niet mag worden uitgezet zolang het hoger beroep loopt. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van €907,00, toe te rekenen aan professionele rechtsbijstand.
Deze uitspraak waarborgt de rechtspositie van verzoeker tijdens de beroepsprocedure en voorkomt onherstelbare gevolgen van uitzetting voorafgaand aan de definitieve beslissing.
Uitkomst: Verzoeker mag niet worden uitgezet en krijgt opvang totdat het hoger beroep is beslist; minister moet proceskosten vergoeden.