ECLI:NL:RVS:2025:5257
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J. Schipper-Spanninga
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting in asielprocedure
Verzoeker diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, die op 5 juni 2024 door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van verzoeker gegrond en vernietigde het besluit, waarna de minister hoger beroep instelde. De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 31 oktober 2025 een voorlopige voorziening getroffen.
De voorzieningenrechter overwoog dat het hoger beroep nader onderzoek vereist, dat in deze voorlopige voorzieningsprocedure niet goed kan worden verricht. Daarom werd bepaald dat verzoeker niet wordt uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker, die geheel toerekenbaar zijn aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Deze uitspraak biedt verzoeker bescherming tegen uitzetting gedurende de duur van de beroepsprocedure en benadrukt het belang van een zorgvuldige beoordeling van asielaanvragen in het bestuursrecht.
Uitkomst: Verzoeker mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de minister moet proceskosten vergoeden.