ECLI:NL:RVS:2025:5309
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- B.P. Vermeulen
- G.O. van Veldhuizen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanwijzing gemeentelijk monument Weteringschans Amsterdam
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam heeft de panden aan de Weteringschans 26, 28 en 28a aangewezen als gemeentelijk monument naar aanleiding van een aanvraag van Erfgoedvereniging Heemschut en op basis van een positief advies van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit.
Peper & Zout Beheer B.V., eigenaar van de panden, heeft bezwaar gemaakt tegen deze aanwijzing en vervolgens beroep ingesteld bij de rechtbank, dat ongegrond werd verklaard. In hoger beroep betwist Peper & Zout Beheer B.V. onder meer de wettelijke grondslag van de gebruikte selectiecriteria en de proportionaliteit van de maatregel.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de gebruikte Handleiding als beleidsuitwerking van de Erfgoedverordening Amsterdam een juiste grondslag biedt en dat het doel van bescherming niet met een minder vergaande maatregel kan worden bereikt. De Afdeling bevestigt het oordeel van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond.
Daarnaast is op zitting gebleken dat overleg tussen partijen over inpandige beschermingswaardige elementen niet tot overeenstemming heeft geleid. De Afdeling benadrukt dat het college toelichtte dat alleen het exterieur en casco beschermd zijn en dat binnenin beperkte bescherming geldt, waardoor bijvoorbeeld tussenwanden en systeemplafonds niet onder de bescherming vallen.
De Afdeling wijst het hoger beroep af en bevestigt het besluit tot aanwijzing van de panden als gemeentelijk monument.
Uitkomst: Het hoger beroep van Peper & Zout Beheer B.V. wordt ongegrond verklaard en het besluit tot aanwijzing als gemeentelijk monument wordt bevestigd.