ECLI:NL:RVS:2025:5379
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging termijnbesluit machtiging voorlopig verblijf en vervanging door nadere termijnen
Appellanten hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op hun aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf. De rechtbank had eerder een termijn van 90 dagen opgelegd waarbinnen de minister een besluit moest nemen, gerekend vanaf het moment dat de aanvraag inhoudelijk werd behandeld volgens het 'first in, first out'-principe.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat deze termijn in strijd is met artikel 8:55d van de Algemene wet bestuursrecht en niet voldoet aan de rechtsbescherming die het recht op tijdige besluitvorming volgens artikel 5, vierde lid, van de Gezinsherenigingsrichtlijn beoogt. Daarom vernietigt de Afdeling het vonnis voor zover het deze termijn oplegt.
In plaats daarvan stelt de Afdeling nieuwe termijnen vast: vier weken na verzending van het vonnis, acht weken indien de minister gelegenheid tot herstel van verzuimen biedt, zestien weken bij nader onderzoek, en twintig weken indien beide van toepassing zijn. Tevens wordt de minister veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van €907,00 aan appellanten.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt de termijn van 90 dagen en stelt nieuwe variabele termijnen voor besluitvorming vast.