ECLI:NL:RVS:2025:57
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J. Schipper-Spanninga
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting en voor opvang vreemdelingen in hoger beroep
De minister van Asiel en Migratie wees op 15 augustus 2023 de aanvragen van twee vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdelingen stelden beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 13 december 2024 hun beroepen ongegrond verklaarde. Hiertegen werd hoger beroep ingesteld bij de Raad van State.
De vreemdelingen verzochten de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State om een voorlopige voorziening te treffen zodat zij niet worden uitgezet voordat op het hoger beroep is beslist en dat zij opvang en verstrekkingen ontvangen. De voorzieningenrechter oordeelde dat gelet op de omstandigheden een voorlopige voorziening passend is.
De voorzieningenrechter bepaalde dat de vreemdelingen niet mogen worden uitgezet zolang het hoger beroep loopt en veroordeelde de minister tot vergoeding van de proceskosten van €907,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd gedaan op 9 januari 2025.
Uitkomst: De vreemdelingen mogen niet worden uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en de minister moet proceskosten vergoeden.