ECLI:NL:RVS:2025:5771
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vermindering boete wegens overschrijding redelijke termijn bij illegale kamersverhuur
Appellanten zijn sinds 1997 eigenaar van een woning die kamersgewijs wordt verhuurd zonder de vereiste omzettingsvergunning. Het college legde hen boetes op van €6.000 per persoon wegens het omzetten van zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimte. Zowel bezwaar als beroep werden ongegrond verklaard door het college en de rechtbank.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat de procedure onredelijk lang heeft geduurd, namelijk zes jaar vanaf het voornemen tot boeteoplegging tot de uitspraak, wat een overschrijding van de redelijke termijn betekent. Daarom wordt de boete gematigd met 15%, waardoor het bedrag op €5.100 komt.
De Afdeling vernietigt de eerdere uitspraken en besluiten voor zover zij de hoogte van de boetes betreffen, herroept de boetebesluiten en bepaalt dat de boetes worden verlaagd. Tevens wordt het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellanten. De inhoudelijke beoordeling van de overtreding blijft gehandhaafd.
Uitkomst: Boetes voor illegale kamersverhuur worden met 15% gematigd wegens overschrijding van de redelijke termijn.