ECLI:NL:RVS:2025:5966
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging wijziging omgevingsplan Meierijstad wegens onvoldoende zorgvuldigheid en onduidelijkheid bedrijfsbestemming
De raad van de gemeente Meierijstad stelde op 26 september 2024 het 'Omgevingsplan - Eerste wijzigingsronde 2024' vast, waarin de toegestane bedrijfsactiviteiten op een perceel in Sint-Oedenrode werden gewijzigd van een slachterij naar een vleeswaren- en vleesconservenfabriek met een productieomvang van minder dan 1.000 m². Appellanten, bewoners van het perceel, voerden aan dat het feitelijke gebruik als burgerwoning ten onrechte niet als zodanig was bestemd en dat hun concrete plannen onvoldoende waren meegewogen.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de verwijzingen in de wijzigingsregels naar het oude bestemmingsplan onjuist waren, omdat dit was vervangen door een herziening uit 2018. Hierdoor bleef zowel een slachterij als een vleeswarenfabriek toegestaan, wat niet de bedoeling was. Dit duidt op een gebrek aan zorgvuldigheid bij de voorbereiding van het besluit. Daarnaast bleek uit rapporten dat het perceel al geruime tijd geen volwaardig slachterijbedrijf meer huisvestte en dat de toegestane vleeswarenfabriek niet overeenkomt met het feitelijke gebruik. De raad had onvoldoende rekening gehouden met de belangen van appellanten, onder meer hun woonfunctie en plannen voor meerdere woningen.
De Afdeling vernietigde daarom het besluit tot wijziging voor het betreffende perceel en de relevante artikelen van het omgevingsplan. Ook het tweede wijzigingsbesluit van april 2025, dat slechts terminologische aanpassingen bevatte, werd vernietigd wegens dezelfde zorgvuldigheidsgebreken. De raad werd opgedragen de uitspraak binnen vier weken te verwerken in de geconsolideerde regeling. Tevens werd de raad veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellanten.
Uitkomst: Het besluit tot wijziging van het omgevingsplan voor het perceel in Sint-Oedenrode wordt vernietigd wegens strijd met zorgvuldigheidseisen en onvoldoende belangenafweging.