ECLI:NL:RVS:2025:5975
Raad van State
- Hoger beroep
- W. den Ouden
- B.P.M. van Ravels
- M.C. Stoové
- Rechtspraak.nl
Herroeping subsidievaststelling wegens niet-kennelijke onjuistheid bij overgang medisch specialist
Appellant trad in 2016 als radioloog in dienst bij ziekenhuis Bernhoven, na een periode als vrijgevestigd specialist. Het ziekenhuis vroeg namens hem subsidie aan op grond van de Subsidieregeling overgang integrale tarieven medisch specialistische zorg 2016 (SOIT), welke in augustus 2016 werd toegekend.
In 2019 trad appellant in dienst bij Medisch Specialistisch Bedrijf Peelland (MSB Peelland). De minister stelde in 2023 de subsidievaststelling op nihil en vorderde het bedrag van €100.000,- terug, omdat MSB Peelland geen zorgaanbieder is zoals bedoeld in de SOIT, waardoor appellant niet aan de subsidievoorwaarden voldeed. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
In hoger beroep betoogde appellant dat hij niet kon weten dat zijn overstap naar MSB Peelland gevolgen had voor zijn subsidie, mede omdat hij juridisch advies had ingewonnen. De Raad van State oordeelde dat de subsidievaststelling onjuist was, maar niet kennelijk onjuist, zodat herziening op grond van artikel 4:49 Awb Pro niet was toegestaan. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het oorspronkelijke subsidiebesluit hersteld.
De minister werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het betaalde griffierecht. De uitspraak bevestigt dat een subsidievaststelling slechts kan worden herzien indien de onjuistheid kennelijk is, en dat het niet melden van een nieuwe arbeidsovereenkomst niet automatisch leidt tot een kennelijke onjuistheid.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van de minister om de subsidie terug te vorderen wordt herroepen, waardoor appellant recht houdt op de subsidie van €100.000,-.