ECLI:NL:RVS:2025:5976
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit handhaving overschrijding maximale oppervlakte bijbehorende bouwwerken
Het college van burgemeester en wethouders van Utrechtse Heuvelrug legde op 9 november 2021 een last onder dwangsom op aan de eigenaar van een perceel in Driebergen-Rijsenburg vanwege overschrijding van de maximale oppervlakte van bijbehorende bouwwerken in het achtererfgebied. De eigenaar had een vergunning voor gebruik van een tuinhuis als B&B, maar zonder vergunning was het tuinhuis uitgebreid. Na bezwaar herzag het college het besluit en verklaarde handhaving onevenredig.
Appellanten, waaronder omwonenden, stelden beroep in tegen dit herroepen besluit. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college onzorgvuldig en onvoldoende gemotiveerd had vastgesteld dat het belang van de eigenaar zwaarder woog dan dat van omwonenden en het algemeen belang. Daarbij speelde onduidelijkheid over de mate van overschrijding en wisselende meetresultaten een rol.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep van twee appellanten niet-ontvankelijk wegens vervallen procesbelang, maar verklaarde het beroep van de overige appellanten gegrond. Het besluit van 17 februari 2022 werd vernietigd en het college werd opgedragen binnen acht weken een nieuw besluit te nemen met een zorgvuldige belangenafweging en duidelijke motivering. Tevens werd het besluit van 9 november 2021 met terugwerkende kracht geschorst.
Daarnaast werd het verzoek van de eigenaar om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn deels toegewezen met een bedrag van €500, maar het verzoek om vergoeding van schade wegens onrechtmatig besluit afgewezen. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellanten.
Uitkomst: Het besluit van 17 februari 2022 wordt vernietigd en het college moet een nieuw besluit nemen met een zorgvuldige belangenafweging en motivering.