ECLI:NL:RVS:2025:6151
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening in asielzaak met betrekking tot verblijfsvergunning
Op 2 juli 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van de verzoeker om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen. De verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Amsterdam. Op 26 november 2025 heeft de rechtbank het beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft de verzoeker hoger beroep ingesteld en verzocht om een voorlopige voorziening. De verzoeker vraagt de voorzieningenrechter om te bepalen dat hij niet wordt uitgezet totdat er op het hoger beroep is beslist en dat hij opvang en verstrekkingen ontvangt. De voorzieningenrechter heeft, gelet op de aangevoerde argumenten, besloten om de voorlopige voorziening te treffen. De minister van Asiel en Migratie is veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de verzoeker, die zijn vastgesteld op € 907,00, geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak is gedaan door de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 19 december 2025.