ECLI:NL:RVS:2025:6307
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting en toekenning opvang bij afwijzing verblijfsvergunning asiel
Verzoeker heeft bij de minister van Asiel en Migratie een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke bij besluit van 27 januari 2025 is afgewezen. De rechtbank heeft bij uitspraak van 26 november 2025 het beroep van verzoeker tegen deze afwijzing ongegrond verklaard. Verzoeker stelde vervolgens hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft overwogen dat verzoeker niet mag worden uitgezet voordat op het hoger beroep is beslist en dat zij opvang en verstrekkingen moet ontvangen. Op grond van de aangevoerde omstandigheden en eerdere jurisprudentie is de voorlopige voorziening getroffen. Tevens is de minister veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker, die geheel toerekenbaar zijn aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter D.A. Verburg van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 24 december 2025, in aanwezigheid van griffier K. Veen.
Uitkomst: Verzoeker mag niet worden uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de minister moet proceskosten vergoeden.