ECLI:NL:RVS:2025:6341
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen ongeldigverklaring onderzoeksrapport wegens fraude aan Avans Hogeschool
Appellant, student Ondernemerschap en Retailmanagement aan Avans Hogeschool, stelde een onderzoeksrapport op voor zijn afstudeerscriptie. De scriptiebegeleider ontdekte dat een respondent in het rapport niet bestond, wat leidde tot een vermoeden van fraude. De examencommissie verklaarde het rapport ongeldig wegens deze fraude, waarna het College van Beroep voor de Examens het administratief beroep van appellant ongegrond verklaarde.
Appellant stelde beroep in bij de Raad van State en voerde procedurele bezwaren aan, waaronder een niet aangekondigde wisseling in de samenstelling van de kamer en vermeende partijdigheid van een student-lid. De Raad van State oordeelde dat appellant geen concrete aanwijzingen had geleverd voor onbevangenheid van het student-lid en dat de motivering van de examencommissie toereikend was.
De Raad van State concludeerde dat appellant niet in zijn verdedigingsrechten was geschaad en dat de opgelegde maatregel proportioneel was, mede gezien de spijtbetuiging van appellant. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het College van Beroep hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen de ongeldigverklaring van het onderzoeksrapport wegens fraude is ongegrond verklaard.