ECLI:NL:RVS:2025:6380
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- B.P.M. van Ravels
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing rangschikking Oud Kraggenburg onder Natuurschoonwet 1928
Oud Kraggenburg, een voormalig schiereiland met een lichtwachterswoning en rijksmonumentstatus, werd door appellant aangemeld voor rangschikking als buitenplaats onder de Natuurschoonwet 1928. De staatssecretaris wees deze aanvraag af omdat de lichtwachterswoning niet voldoet aan de definitie van een 'in oorsprong versterkt huis' en er geen historische tuin aanwezig is.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat de wetsgeschiedenis en de definitie van buitenplaats geen ruimere interpretatie toelaten en dat de locatie door overstromingen vóór 1900 geen historische tuinaanleg meer kon bevatten. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel werd verworpen.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunten, maar de Raad van State vond geen aanleiding om het oordeel van de rechtbank te wijzigen. Ook het argument dat de afwijzing nadelige financiële gevolgen zou hebben, werd niet als bijzondere omstandigheid erkend om van het besluit af te wijken. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de rangschikking bevestigd.