ECLI:NL:RVS:2025:761
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet tijdig bekendmaken van omgevingsvergunning voor verbouwing tot zes appartementen in strijd met bestemmingsplan
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig bekendmaken van een volgens hem van rechtswege verleende omgevingsvergunning voor de verbouwing van een pand aan een locatie in Eindhoven tot zes appartementen. Het pand bestaat uit een winkelruimte op de begane grond en een bovenwoning op de verdieping. Het bouwplan voorziet in uitbreiding en realisatie van zes appartementen, wat in strijd is met het bestemmingsplan "Tongelre binnen de Ring 2020" dat de bestemming "Gemengd" kent en alleen bestaande woningen toestaat.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat het bouwplan afwijkt van het bestemmingsplan en de uitgebreide voorbereidingsprocedure van artikel 3.10 Wabo van toepassing is, waardoor geen vergunning van rechtswege is ontstaan. Appellant stelde in hoger beroep dat onderdelen 1 en 9 van artikel 4 van Pro bijlage II van het Besluit omgevingsrecht gecombineerd kunnen worden toegepast, waardoor volgens hem de reguliere procedure geldt en de vergunning van rechtswege is verleend.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat hoewel gecombineerde toepassing van onderdelen 1 en 9 mogelijk is, in dit geval wel moet worden getoetst aan artikel 5, eerste lid, van bijlage II Bor, omdat bij toepassing van onderdeel 1 het aantal woningen gelijk moet blijven. De uitbreiding leidt tot een toename van het aantal woningen, waardoor artikel 5 van Pro toepassing is en geen vergunning van rechtswege ontstaat. De Afdeling volgt appellant niet in zijn interpretatie van eerdere jurisprudentie en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd dat geen vergunning van rechtswege is verleend.