ECLI:NL:RVS:2025:799
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van bewaring vreemdeling en afwijzing schadevergoeding
De minister van Asiel en Migratie stelde de vreemdeling bij besluit van 13 januari 2025 in bewaring. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die bij uitspraak van 27 januari 2025 het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze afdeling heeft het hoger beroep beoordeeld en concludeerde dat de rechtbank terecht en op goede gronden tot haar oordeel was gekomen.
De Afdeling nam de motivering van de rechtbank over en zag geen aanleiding om de bewaring onrechtmatig te achten. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De minister is niet verplicht proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de bewaring bevestigd.