ECLI:NL:RVS:2025:987
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit college over rectificatie persoonsgegevens en toekenning dwangsom
Appellant verzocht het college van burgemeester en wethouders van Heerenveen om rectificatie van een uitlating in een verweerschrift, die volgens hem onjuist was en persoonsgegevens betrof. Het college stelde het verzoek buiten behandeling en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank oordeelde dat het verzoek geen besluit was en verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep oordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak dat de uitlating wel een persoonsgegeven is en dat het verzoek een besluit in de zin van de Awb betreft. De Afdeling vernietigt het besluit van het college en de uitspraak van de rechtbank, en beoordeelt het bezwaar zelf. Het verzoek om rectificatie wordt inhoudelijk behandeld en afgewezen omdat het correctierecht niet ziet op indrukken of meningen.
Daarnaast is vastgesteld dat het college te laat een besluit nam, waardoor een dwangsom van €138 aan appellant verschuldigd is. De Afdeling veroordeelt het college tevens tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak treedt in de plaats van het vernietigde besluit en sluit de procedure af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd, het verzoek afgewezen en een dwangsom van €138 toegekend.