ECLI:NL:RVS:2026:1932
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- E.J. Daalder
- C.H.M. van Altena
- J. Schipper-Spanninga
- Rechtspraak.nl
Erkenning Regionaal Academisch Kankercentrum Utrecht als expertisecentrum zeldzame aandoeningen en belanghebbendheid patiëntenplatform
Op 30 september 2021 heeft de minister van Volksgezondheid de aanvraag van het UMCU ingewilligd om het Regionaal Academisch Kankercentrum Utrecht (RAKU) te erkennen als expertisecentrum voor zeldzame aandoeningen (ECZA), waaronder de aandoening gastro-intestinale stromale tumor (GIST).
De rechtbank had geoordeeld dat deze erkenning een besluit is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), maar dat Stichting Patiëntenplatform Sarcomen geen belanghebbende was. De stichting stelde dat zij wel belanghebbende is en dat de rechtbank ten onrechte geen hoor en wederhoor toepaste.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat de erkenning van het RAKU als ECZA inderdaad een besluit is, gebaseerd op artikel 8 van Pro de Wet op bijzondere medische verrichtingen (Wbmv). Tevens is de stichting belanghebbende omdat zij de belangen van sarcoompatiënten behartigt en rechtstreeks wordt geraakt door de erkenning.
De incidentele hoger beroepen van de minister en het UMCU worden niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding. De Afdeling bepaalt dat de behandeling van het hoger beroep van de stichting wordt voortgezet en het onderzoek wordt heropend, waarbij partijen zich over de resterende geschilpunten kunnen uitlaten.
Uitkomst: De erkenning van het RAKU als expertisecentrum is een besluit en Stichting Patiëntenplatform Sarcomen is belanghebbende, waardoor de procedure wordt voortgezet.