ECLI:NL:RVS:2026:2910
Raad van State
- Hoger beroep
- E.J. Daalder
- J.Th. Drop
- C.C.W. Lange
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing omwisseling Oekraïens rijbewijs naar Nederlands rijbewijs wegens niet voldoen aan voorwaarden
Appellante, woonachtig in Nederland sinds 2018 en houder van een Oekraïens rijbewijs uit 2008, verzocht om omwisseling van haar rijbewijs naar een Nederlands rijbewijs. De RDW wees dit verzoek af omdat zij niet viel onder de 30%-regeling of andere uitzonderingen zoals de regeling voor kennismigranten of de tijdelijke beschermingsrichtlijn voor Oekraïense vluchtelingen.
De rechtbank oordeelde dat appellant geen rijexamen in Nederland had afgelegd, haar Oekraïense rijbewijs niet gelijkwaardig was aan EU-rijbewijzen en dat het gelijkheidsbeginsel geen rechtvaardiging bood voor omwisseling. De rechtbank benadrukte het belang van verkeersveiligheid zoals neergelegd in artikel 111 van Pro de Wegenverkeerswet.
In hoger beroep bevestigde de Afdeling bestuursrechtspraak deze uitspraak. Zij overwoog dat appellant niet voldeed aan de voorwaarden van de Regeling omwisseling niet-Nederlandse rijbewijzen, noch aan de uitzonderingen voor kennismigranten of vluchtelingen. Het feit dat appellant ongelijk wordt behandeld ten opzichte van kennismigranten is niet onrechtmatig omdat het algemeen belang van verkeersveiligheid prevaleert.
De Afdeling verwierp ook het betoog dat de overschrijding van de beslistermijn in de bezwaarprocedure gevolgen zou moeten hebben. De aanvraag om omwisseling van het rijbewijs werd derhalve terecht afgewezen en het hoger beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Afdeling bevestigt de afwijzing van de aanvraag omwisseling van het Oekraïense rijbewijs naar een Nederlands rijbewijs wegens niet voldoen aan de wettelijke voorwaarden.