ECLI:NL:RVS:2026:2914
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- J. Schipper-Spanninga
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing wijziging persoonsgegevens in basisregistratie personen
Appellante verzocht het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven om haar persoonsgegevens in de basisregistratie personen (BRP) te wijzigen op grond van een Italiaanse geboorteakte. Het college wees dit verzoek af omdat niet was aangetoond dat de geboorteakte op appellante betrekking had en dat haar vermeende ouders daadwerkelijk haar ouders waren. De rechtbank bevestigde dit oordeel en verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep stelde appellante dat het college onvoldoende onderzoek had gedaan naar de authenticiteit en relevantie van de Italiaanse geboorteakte en dat de vermeende ouders hun persoonsgegevens in de BRP al hadden betwist. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de ouders van appellante inmiddels buiten redelijke twijfel zijn geïdentificeerd als de personen op de Italiaanse geboorteakte. Hierdoor is het standpunt van het college dat wijziging van de ouders geen invloed heeft op de identiteit van appellante niet langer houdbaar.
De Afdeling oordeelde dat het college onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het verzoek van appellante moet worden afgewezen en vernietigde het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Het college wordt opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen, waarbij alleen beroep bij de Afdeling mogelijk is. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van appellante.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van wijziging van persoonsgegevens in de BRP wordt vernietigd.