ECLI:NL:RVS:2026:3019
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit opheffing minicontainer aanbiedlocatie wegens onvoldoende motivering
Het college van burgemeester en wethouders van Midden-Delfland besloot op 26 april 2025 tot opheffing en wijziging van locaties voor het aanbieden van afval via minicontainers aan de Lookwatering 3 tot en met 13 in Den Hoorn. De aanbiedlocatie CJ-8 lag aan het einde van een doodlopend gedeelte van de weg Lookwatering, waar het inzamelvoertuig moest keren op een perceel dat niet langer beschikbaar was. Hierdoor zou het voertuig achteruit moeten rijden over circa 300 meter, wat het college onveilig achtte en daarom de locatie wilde opheffen.
Appellanten, bewoners van de nabijgelegen adressen, stelden dat het verbod op achteruitrijden niet absoluut is en dat het college onvoldoende rekening had gehouden met hun belangen, aangezien zij nu aangewezen zouden zijn op een verder gelegen locatie. Het college baseerde zich op gemeentelijke inrichtingscriteria die achteruitrijden zonder begeleiding verbieden, maar erkende dat achteruitrijden met begeleiding wel is toegestaan.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom het achteruitrijden met begeleiding onveilig zou zijn en dat het ontbreken van onderbouwing met verkeerskundige verklaringen of bewijs van Avalex tot onvoldoende zorgvuldigheid leidde. Hierdoor was het besluit in strijd met het motiveringsvereiste van artikel 3:46 Awb Pro en werd het vernietigd. Het college hoefde de proceskosten niet te vergoeden, maar moest het betaalde griffierecht aan appellanten terugbetalen.
Uitkomst: Het besluit tot opheffing van de minicontainer aanbiedlocatie wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering.