ECLI:NL:RVS:2026:3093
Raad van State
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verzoek beperkte kennisneming in hoger beroep inzake versterkingsprogramma woningen
Appellanten hebben hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland waarin werd geoordeeld dat hun woningen voldoen aan de veiligheidsnormen en niet in aanmerking komen voor het versterkingsprogramma van de Nationaal Coördinator Groningen. De minister heeft vertrouwelijke stukken overgelegd en verzocht om beperkte kennisneming daarvan vanwege bescherming van persoonsgegevens en persoonlijke levenssfeer van medewerkers.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het verzoek van de minister beoordeeld en geoordeeld dat het belang van appellanten bij kennisneming van de naam van de deskundige die de senior inspecteur heeft vergezeld, in beginsel groot is. Echter, gelet op de persoonlijke omstandigheden en het gedrag van appellanten, zijn gewichtige redenen aanwezig om beperkte kennisneming van deze naam toe te staan.
Voor twee bijlagen (18 en 20) is het verzoek tot beperkte kennisneming afgewezen vanwege onvoldoende motivering. Voor zes andere bijlagen is het verzoek deels toegewezen, met uitzondering van e-mails waarvan de persoonsgegevens al bij appellanten bekend zijn. De minister wordt verzocht geschoonde versies van de stukken aan te leveren. De Afdeling benadrukt dat het uiteindelijk aan de zittingskamer is om te beoordelen of sprake is van een eerlijk proces.
Uitkomst: Verzoek tot beperkte kennisneming van de naam van de deskundige en bepaalde persoonsgegevens wordt toegewezen, verzoek voor twee bijlagen afgewezen.