ECLI:NL:RVS:2026:3196
Raad van State
- Herziening
- J.M. Willems
- M. den Heyer
- M.C. Stoové
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening uitspraak aanvullende schadevergoeding Wet hersteloperatie toeslagen
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 3 juni 2026 het verzoek tot herziening van een eerdere uitspraak van 19 november 2025 afgewezen. Het verzoek was ingediend door verzoekster die het niet eens was met de hoogte van de aan haar toegekende aanvullende werkelijke schadevergoeding op grond van de Wet hersteloperatie toeslagen. De rechtbank Den Haag en de Afdeling hadden haar eerdere beroepen reeds ongegrond verklaard.
Verzoekster stelde dat haar verslechterde medische situatie door fibromyalgie en het achterhouden van relevante stukken door de Dienst Toeslagen tot een ander oordeel hadden moeten leiden. De Afdeling oordeelde dat de medische verklaring reeds bekend was bij de eerdere uitspraak en dat de verslechtering na die uitspraak plaatsvond, waardoor dit geen grond voor herziening vormde. Ook de vermeende niet-verstrekte stukken waren niet relevant voor het causaal verband tussen de terugvorderingen en haar studievertraging of fibromyalgie.
Verder wees de Afdeling het beroep op de Rotterdamse Schaal af omdat deze pas na de uitspraak van toepassing werd. Ook nieuwe ingediende bewijsstukken over inschrijvingen aan opleidingen konden geen ander oordeel rechtvaardigen, omdat deze feiten al bekend waren en geen causaal verband met de terugvorderingen aannemelijk maakten.
De Afdeling concludeerde dat niet was voldaan aan de strenge voorwaarden voor herziening zoals gesteld in artikel 8:119 van Pro de Awb en wees het verzoek af. De Dienst Toeslagen hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van de uitspraak over aanvullende schadevergoeding wordt afgewezen wegens ontbreken van nieuwe feiten die tot een ander oordeel zouden leiden.