ECLI:NL:RVS:2026:3350
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvullende compensatie kinderopvangtoeslag 2009 en 2010
De zaak betreft het hoger beroep van een gedupeerde van de toeslagenaffaire tegen besluiten van de Dienst Toeslagen over de vaststelling van compensatie voor de kinderopvangtoeslag over 2009 en 2010. De Dienst Toeslagen kende een compensatie toe over 2009 en januari 2010, maar wees de compensatie over de resterende maanden van 2010 af omdat de appellant de toeslag zelf had stopgezet.
De appellant voerde aan dat zij niet het volledige dossier had ontvangen, waardoor het onmogelijk was de compensatieregeling en schade vast te stellen. Ook betwistte zij de hoogte van de compensatie over 2009 vanwege vermeende onjuiste vergoedingspercentages en stelde dat de Dienst Toeslagen per 1 januari 2010 de toeslag had stopgezet.
De rechtbank oordeelde dat de Dienst Toeslagen alle relevante stukken had verstrekt en dat het bezwaar over 2010 niet meer aan de orde was. De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt dit oordeel en wijst het hoger beroep af. De compensatie over 2009 is correct berekend volgens de geldende percentages en de procedure is zorgvuldig verlopen.
De Afdeling wijst het beroep af en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. De Dienst Toeslagen hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.