ECLI:NL:RVS:2026:3365
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen wijzigingsplan groepsaccommodatie Zomerweg 3 Ambt Delden
Het college van burgemeester en wethouders van Hof van Twente stelde op 27 februari 2024 het wijzigingsplan vast voor het perceel aan de Zomerweg 3 in Ambt Delden, waarbij de bestemming werd gewijzigd van agrarisch naar wonen met een specifieke aanduiding voor een groepsaccommodatie. De initiatiefnemer wil hier een groepsaccommodatie realiseren, terwijl appellanten die in de nabijheid wonen bezwaar maakten vanwege vrees voor geluidsoverlast.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het recht van toepassing is zoals dat gold vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet, omdat het ontwerp van het wijzigingsplan vóór 1 januari 2024 ter inzage lag. Het college had de belangen van appellanten afgewogen en verwees naar de VNG-handreiking die een minimale richtafstand van 50 meter adviseert voor vergelijkbare functies. De afstand tussen de groepsaccommodatie en de woning van appellanten bedraagt ruim 260 meter, wat ruimschoots voldoet.
Appellanten voerden geen bijzondere omstandigheden aan die zouden leiden tot onaanvaardbare geluidsoverlast. Daarnaast wees de Afdeling erop dat eventuele geluidsoverlast een handhavingskwestie is en niet in deze procedure kan worden behandeld. Verder werden beroepsgronden die niet strekken tot bescherming van het belang van appellanten, zoals over wegverkeerslawaai en geurhinder, niet inhoudelijk behandeld vanwege het relativiteitsvereiste.
De Afdeling verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenvergoeding af. Hiermee blijft het wijzigingsplan ongewijzigd van kracht en kan de groepsaccommodatie worden gerealiseerd.
Uitkomst: Het beroep tegen het wijzigingsplan voor de groepsaccommodatie wordt ongegrond verklaard vanwege voldoende afstand en het ontbreken van bijzondere omstandigheden voor onaanvaardbare geluidsoverlast.