ECLI:NL:RVS:2026:4046
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep in asielzaak wegens overschrijding beslistermijn
Verzoeker heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank over de verlenging van de beslistermijn in een asielzaak. Na intrekking van het hoger beroep verzocht verzoeker om proceskostenvergoeding op grond van artikel 8:75a Awb.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat de minister ondanks de discussie over de rechtmatigheid van de verlenging van de beslistermijn, de maximale beslistermijn van vijftien maanden heeft overschreden bij de beslissing op de asielaanvraag. Dit leidde tot toewijzing van het verzoek om proceskostenvergoeding.
De minister werd veroordeeld tot vergoeding van € 467,00 aan proceskosten, waarbij rekening werd gehouden met een wegingsfactor van 0,5 omdat het hoger beroep uitsluitend ging over de niet-tijdige besluitvorming. Het besluit van 23 juni 2026 waarin de asielaanvraag werd ingewilligd, werd niet bestreden door verzoeker.
De uitspraak bevestigt dat overschrijding van de beslistermijn in asielzaken kan leiden tot proceskostenveroordeling, ook als het hoger beroep wordt ingetrokken en de inhoudelijke rechtmatigheid van de verlenging niet doorslaggevend is.
Uitkomst: De minister wordt veroordeeld tot vergoeding van € 467,00 aan proceskosten wegens overschrijding van de beslistermijn in de asielaanvraag.