ECLI:NL:RVS:2026:4281
Raad van State
- Hoger beroep
- A.B. Blomberg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging last onder dwangsom voor te grote garageloods ondanks beroep op vertrouwensbeginsel
Appellant bouwde een garageloods naast zijn woning in Heerle zonder omgevingsvergunning, terwijl deze vergunningplichtig was vanwege de grootte. Het college van burgemeester en wethouders van Roosendaal legde hem daarom een last onder dwangsom op om de loods te verwijderen of aan te passen.
Appellant voerde aan dat het college hem had toegezegd dat de bouw vergunningvrij was, en beriep zich op het vertrouwensbeginsel. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde dit in hoger beroep.
De Afdeling oordeelde dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat het college een toezegging had gedaan waarop hij gerechtvaardigd mocht vertrouwen. De brief van 8 juni 2022 bevatte geen concrete toezegging en de bouwtekeningen verschilden. Bovendien was appellant en zijn architect op de hoogte dat de hoogte van de loods niet vergunningvrij was. Ook mailwisselingen in 2024 betroffen alleen aanpassingen en wekten geen vertrouwen dat handhaving zou worden achterwege gelaten.
De Afdeling concludeerde dat het algemeen belang bij handhaving zwaarder weegt en dat er geen bijzondere omstandigheden zijn om van handhaving af te zien. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de last onder dwangsom blijft van kracht.