ECLI:NL:RVS:2026:4284
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.O. van Veldhuizen
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen spoedeisende bestuursdwang voor verkeerd aanbieden afvalstoffen
Het college van burgemeester en wethouders van Groningen heeft op 28 november 2025 spoedeisende bestuursdwang toegepast door een kartonnen doos te verwijderen die verkeerd was aangeboden bij een ondergrondse papiercontainer. Het college stelde appellant aansprakelijk omdat zijn adresgegevens op het label van de doos stonden. Appellant betwistte dat hij de doos had geplaatst en voerde aan dat het bewijsvermoeden onterecht was toegepast en dat het kostenverhaal onevenredig was.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat het bewijsvermoeden inhoudt dat als afval tot een persoon is te herleiden, die persoon in beginsel als overtreder wordt aangemerkt. Het is aan de betrokkene om voldoende twijfel te zaaien over dit vermoeden. Appellant slaagde hier niet in, omdat de omstandigheden onvoldoende waren om het vermoeden te ontkrachten. Ook het argument dat meerdere personen bij het opruimen betrokken waren, was onvoldoende.
Ten aanzien van het kostenverhaal oordeelde de Afdeling dat de kosten niet alleen betrekking hadden op het verwijderen van de doos, maar ook op bijkomende werkzaamheden zoals het doorzoeken van afval en het opstellen van rapporten. Daarom was het kostenverhaal niet onevenredig. Het beroep werd ongegrond verklaard en het college hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot spoedeisende bestuursdwang en het kostenverhaal wordt ongegrond verklaard.