ECLI:NL:RVS:2026:4372
Raad van State
- Wraking
- J.Th. Drop
- A. Kuijer
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Verzoek om wraking van bestuursrechter wegens vermeende partijdigheid afgewezen
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen het bestuursrechtelijk college vanwege het vermeend opzettelijk negeren van zijn verhinderdata, wat volgens hem de toegang tot de rechter belemmert en de schijn van partijdigheid wekt.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat een wrakingsverzoek ingevolge artikel 8:15 Awb Pro moet zijn gericht op feiten of omstandigheden die de onpartijdigheid van de individuele rechter kunnen aantasten. Het verzoek van verzoeker betrof echter het gehele gerecht en niet de persoon van de staatsraad die zijn zaak behandelt.
Op grond van de Wrakings- en verschoningsregeling bestuursrechterlijke colleges 2022 kan de wrakingskamer een verzoek buiten behandeling laten indien het niet specifiek betrekking heeft op het lid dat de zaak behandelt. Daarom werd het wrakingsverzoek buiten behandeling gelaten.
De beslissing werd genomen door voorzitter J.Th. Drop en leden A. Kuijer en M. den Heyer, in aanwezigheid van griffier T.W.A. Weber, en uitgesproken op 27 juli 2026.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt buiten behandeling gelaten omdat het niet specifiek gericht is op de persoon van de behandelende staatsraad.