ECLI:NL:RVS:2026:519
Raad van State
- Hoger beroep
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag verblijfsvergunning asiel uit Ethiopië
Appellant, met de Ethiopische nationaliteit afkomstig uit Dansha in de regio Tigray, heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister van Asiel en Migratie wees deze aanvraag bij besluit van 6 maart 2025 af. De rechtbank verklaarde het daarop ingestelde beroep ongegrond op 8 augustus 2025.
Appellant ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling overwoog dat de minister de situatie in Mek’ele, en daarmee ook in Dansha, deugdelijk had gemotiveerd als niet vallend onder artikel 15, aanhef en onder c, van de Kwalificatierichtlijn, mede vanwege de verbeterde veiligheidssituatie na de staakt-het-vurenovereenkomst.
De grieven van appellant over het referentiekader en de geloofwaardigheidsbeoordeling werden niet gegrond verklaard, omdat deze geen vragen bevatten die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming. De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de afwijzing van de aanvraag verblijfsvergunning asiel en verklaart het hoger beroep ongegrond.