ECLI:NL:RVS:2026:683

Raad van State

Datum uitspraak
11 februari 2026
Publicatiedatum
6 februari 2026
Zaaknummer
202506095/2/A2
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • G.T.J.M. Jurgens
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening na beslissing op herzieningsverzoek bestuursrecht

Verzoeker heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verzocht om herziening van een eerdere uitspraak van 3 december 2025. Tevens vroeg verzoeker om een voorlopige voorziening te treffen in afwachting van de beslissing op het herzieningsverzoek.

De Afdeling heeft het verzoek behandeld tijdens een zitting op 3 februari 2026, waarbij verzoeker aanwezig was. Kort daarna heeft de Afdeling op 11 februari 2026 een beslissing genomen op het herzieningsverzoek, waarmee de procedure werd afgerond.

Gezien deze beslissing op het herzieningsverzoek is het verzoek om een voorlopige voorziening niet langer nodig en wordt dit verzoek afgewezen. Tevens worden de proceskosten niet toegewezen.

De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter G.T.J.M. Jurgens, in aanwezigheid van griffier A.S. Rietveld, en uitgesproken in het openbaar op 11 februari 2026.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het herzieningsverzoek reeds is beslist.

Uitspraak

202506095/2/A2.
Datum uitspraak: 11 februari 2026
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht) van:
[verzoeker], wonend in [woonplaats],
verzoeker.
Procesverloop
[verzoeker] heeft de Afdeling verzocht de uitspraak van de Afdeling van 3 december 2025, ECLI:NL:RVS:2025:5802, in zaak nr. 202505419/1/A2 te herzien.
Ook heeft [verzoeker] de voorzieningenrechter van de Afdeling gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen in afwachting van de uitspraak op zijn herzieningsverzoek.
[verzoeker] heeft een nader stuk ingediend.
De Afdeling heeft het verzoek op een zitting behandeld op 3 februari 2026, waar [verzoeker] is verschenen.
Overwegingen
1.       Bij uitspraak van vandaag (ECLI:NL:RVS:2026:677) heeft de Afdeling op het verzoek om herziening beslist. Daarmee is aan deze procedure een einde gekomen en wordt geen voorlopige voorziening getroffen.
2.       De proceskosten hoeven niet te worden vergoed.
Beslissing
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. G.T.J.M. Jurgens, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van mr. A.S. Rietveld, griffier.
w.g. Jurgens
voorzieningenrechter
w.g. Rietveld
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 11 februari 2026
1064