ECLI:NL:CBB:2003:AF4455
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A. Hagen
- M.A. Fierstra
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen ongegrondverklaring klacht registeraccountant inzake werkzaamheden en fraudemelding
Appellanten hebben beroep ingesteld tegen een beslissing van de raad van tucht die hun klacht tegen een registeraccountant ongegrond verklaarde. De klacht betrof het niet uitvoeren van een boekenonderzoek bij een dochteronderneming en het nalaten van handelen bij vermoedens van fraude.
Het College oordeelde dat de klacht duidelijk was en dat het beroep niet niet-ontvankelijk was wegens overschrijding van de redelijke termijn of oneigenlijk gebruik van het klachtrecht. De gedragingen vonden plaats in 1994-1995, de klacht werd in 2000 ingediend, wat binnen aanvaardbare grenzen lag.
Inhoudelijk werd geoordeeld dat de registeraccountant niet verplicht was een boekenonderzoek te verrichten bij de dochteronderneming, omdat hij daartoe geen opdracht had en appellanten niet bevoegd waren die opdracht te verstrekken. Ook het verzoek om informatie was terecht, maar het niet verkrijgen daarvan kon hem niet worden verweten.
Verder werd het beroep op de Verordening op de fraudemelding verworpen omdat deze alleen geldt voor openbaar accountants en betrokkene die rol niet had. Het College concludeerde dat er geen tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen was en verwierp het beroep.
Uitkomst: Het beroep tegen de ongegrondverklaring van de klacht door de raad van tucht wordt verworpen.