ECLI:NL:CBB:2004:AO4704
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- M.A. van der Ham
- M.A. Fierstra
- J.L.W. Aerts
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens termijnoverschrijding bij vergunning biotechnologische handelingen
Appellante heeft beroep ingesteld tegen een besluit van 15 juli 2003 waarbij het AMC een vergunning is verleend voor biotechnologische handelingen op grond van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren. Het beroep werd ingesteld op 23 september 2003, nadat de beroepstermijn van zes weken was verstreken.
Het College overweegt dat het besluit rechtsgeldig is bekendgemaakt aan het AMC op 15 juli 2003, waarna het in werking trad. Appellante is wel belanghebbende, maar het besluit was niet rechtstreeks aan haar gericht. De beroepstermijn begon derhalve op 16 juli 2003 en eindigde op 26 augustus 2003. Het beroep van appellante is daarmee te laat ingediend.
Appellante voerde aan dat zij pas op 5 augustus 2003 kennis nam van het besluit en dat de mededeling in de Staatscourant van 13 augustus 2003 haar de indruk gaf dat de termijn later begon. Het College oordeelt echter dat appellante als ervaren partij had moeten beseffen dat het besluit eerder in werking was getreden en dat zij niet mocht vertrouwen op de mededeling in de Staatscourant. De overschrijding van de termijn is niet verschoonbaar.
Het College concludeert dat het beroep niet-ontvankelijk moet worden verklaard en wijst het beroep af. Tevens wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn.