ECLI:NL:CBB:2004:AO7842
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.C. Cusell
- M.A. Fierstra
- J.L.W. Aerts
- Rechtspraak.nl
Verwerping beroep tegen schriftelijke berisping wegens dividenduitkering met insolvabiliteitsrisico
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven behandelde het beroep van appellant tegen een tuchtbeslissing van de raad van tucht voor registeraccountants en accountants-administratieconsulenten te Amsterdam, waarin appellant een schriftelijke berisping had gekregen.
De procedure kende meerdere fasen, waaronder een tussenuitspraak van 21 mei 2002, nadere stukkeninzending en een tweede zitting. Het College overwoog dat de Wet op de Accountants-Administratieconsulenten geen grond biedt om het beroep gegrond te verklaren op basis van een minnelijke regeling tussen partijen.
Appellant stelde dat ten tijde van de dividenduitkering geen reden was om aan de solvabiliteit van schuldenaars te twijfelen, maar het College vond onvoldoende objectief bewijs voor deze stelling. De ingediende stukken en toelichtingen waren onvoldoende om de oninbaarheid van vorderingen aannemelijk te maken.
Het College oordeelde dat het tuchtrechtelijk verwijt ernstig was en dat de opgelegde maatregel van schriftelijke berisping passend was. Tevens werd opgemerkt dat appellant zelf heeft bijgedragen aan de lange duur van de procedure door onvoldoende voortvarendheid.
Het beroep werd derhalve in zijn geheel verworpen en de schriftelijke berisping gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt verworpen en de schriftelijke berisping gehandhaafd.