ECLI:NL:CBB:2004:AR3582
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen intrekking extra varkensrecht op grond van Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij
Appellant heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit waarin bezwaar tegen eerdere mededelingen over het niet toekennen van extra varkensrecht op grond van artikel 9 van Pro het Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij (Bhv) ongegrond werd verklaard.
Het geschil draait om de vraag of appellant recht heeft op een vergroting van zijn varkensrecht vanwege investeringen en milieuvergunningen die uitbreiding van zijn stalcapaciteit mogelijk maken. Verweerder stelde dat geen sprake was van een uitbreiding zoals bedoeld in artikel 9 Bhv Pro, omdat het aantal toegestane dieren niet groter was dan in de oude vergunning en de 10%-drempel niet werd gehaald.
Het College oordeelt dat de intrekking van het begunstigend besluit terecht als besluit moet worden aangemerkt, maar dat verweerder onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar de feitelijke uitbreiding en de toepassing van de 10%-eis. De investeringen van appellant waren gericht op vergroting van het aantal feitelijk gehouden varkens. Het bestreden besluit is onvoldoende gemotiveerd en onzorgvuldig voorbereid, zodat het wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van deze uitspraak.
Daarnaast wordt appellant het betaalde griffierecht en proceskosten toegekend. De uitspraak benadrukt het belang van zorgvuldige motivering en correcte toepassing van de wettelijke criteria bij besluiten over varkensrechten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van de uitspraak.