ECLI:NL:CBB:2004:AR8827
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- W.E. Doolaard
- E.J.M. Heijs
- F. Stuurop
- Rechtspraak.nl
Beoordeling subsidieaanvraag EG-steunverlening akkerbouwgewassen en oppervlaktebepaling perceel
In deze zaak gaat het om een beroep tegen de weigering van subsidie op grond van de Regeling EG-steunverlening akkerbouwgewassen. De aanvrager, A, had een aanvraag ingediend voor subsidie voor vijf percelen maïs, waaronder perceel 15 met een opgegeven oppervlakte van 7,10 hectare. Satellietcontrole wees uit dat perceel 15 slechts 4,82 hectare groot was en dat slechts 2,43 hectare aan de definitie van akkerland voldeed.
Na verschillende besluiten, herbeoordelingen en hoorzittingen, waarbij onder meer getuigenverklaringen werden overgelegd, bleef het verschil tussen de opgegeven en feitelijk geconstateerde oppervlakte groter dan de toegestane 20%. Het College oordeelde dat de verklaringen onvoldoende overtuigend waren om af te wijken van de satellietbeelden en handhaafde de afwijzing van de subsidieaanvraag.
Het beroep tegen eerdere besluiten werd niet-ontvankelijk verklaard wegens verval van procesbelang. Het beroep tegen het laatste besluit werd ongegrond verklaard. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van appellanten, met uitzondering van kosten gemaakt door een familielid.
De uitspraak benadrukt het belang van objectief en overtuigend bewijs bij betwisting van satellietbeelden en de strikte toepassing van subsidieregels omtrent oppervlakteverschillen.
Uitkomst: Het beroep tegen eerdere besluiten werd niet-ontvankelijk verklaard en het beroep tegen het laatste besluit ongegrond, waarbij de subsidieaanvraag werd afgewezen.