ECLI:NL:CBB:2006:AV2086
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- C.J. Borman
- F. Stuurop
- H.O. Kerkmeester
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over aanvullende invoerrechten en douanewaarde kippenborstfilet
Appellante, Kloosterboer Rotterdam B.V., stelde beroep in tegen een besluit van de Belastingdienst inzake navordering van aanvullende invoerrechten op kippenborstfilet uit Brazilië. De douanewaarde was vastgesteld op basis van representatieve prijzen, omdat de opgegeven cif-prijzen door verweerder niet als betrouwbaar werden beschouwd.
Het College oordeelde dat verweerder terecht twijfelde aan de juistheid van de opgegeven cif-prijzen, mede vanwege handelsvreemde praktijken en het ontbreken van bewijsstukken. Appellante kon haar prijzen niet onderbouwen, ondanks eerdere mogelijkheden daartoe. Verweerder had daarom de douanewaarde moeten vaststellen volgens artikel 29 CDW Pro, wat hij niet correct had gedaan.
Het beroep werd gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd. Het College bepaalde echter dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven, omdat de douanewaarde op basis van identieke goederen niet te laag was vastgesteld. Daarnaast werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellante.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand; proceskosten en griffierecht worden aan appellante vergoed.