ECLI:NL:CBB:2007:BA5384
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- E.J.M. Heijs
- W.E. Doolaard
- J.A. Hagen
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige heffing op garnalen door financiering garnalenzeven en garnalenkrakers
Appellante, een garnalenbedrijf, stelde beroep in tegen een heffing opgelegd door het Productschap Vis ter financiering van garnalenzeven en garnalenkrakers. Het geschil betrof de vraag of deze heffing in strijd was met het EU-recht, met name de artikelen 23, 25 en 90 EG. Het Hof van Justitie oordeelde dat een heffing die volgens dezelfde criteria wordt geheven over binnenlandse producten bestemd voor de binnenlandse markt en voor uitvoer, een heffing van gelijke werking kan vormen indien de opbrengst enkel ten goede komt aan de binnenlandse markt.
Het College onderzocht of de voordelen van de heffing de last voor binnenlandse producten volledig compenseerden. De heffing werd gebruikt voor de aanschaf, plaatsing en onderhoud van garnalenzeven en garnalenkrakers, die collectief worden gebruikt door de sector. Het College oordeelde dat deze voordelen de last volledig compenseerden, waardoor de heffing een verboden uitvoerrecht vormt.
Daarom werd het bestreden besluit vernietigd en het primaire besluit herroepen. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van appellante en werd het betaalde griffierecht vergoed. De uitspraak bevestigt het belang van gelijke behandeling en het verbod op discriminerende binnenlandse belastingen binnen de EU.
Uitkomst: De heffing op garnalen werd aangemerkt als een verboden uitvoerrecht en het bestreden besluit werd vernietigd.