ECLI:NL:CBB:2004:AR8820
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.J.M. Heijs
- W.E. Doolaard
- J.A. Hagen
- Rechtspraak.nl
Verenigbaarheid van heffing financiering garnalenzeven en garnalenkrakers met Europees recht
Appellante, een ondernemer met een Nederlands vissersvaartuig, werd een heffing opgelegd over garnalen die zij in Denemarken aanvoerde, ter financiering van garnalenzeven en garnalenkrakers in Nederland. Zij betwistte deze heffing en stelde dat deze in strijd is met artikel 25 en Pro artikel 90 EG Pro, omdat zij dubbel belasting betaalt en de opbrengst uitsluitend ten goede komt aan Nederlandse garnalenvissers.
Het College overwoog dat de heffing niet bij of wegens invoer wordt opgelegd en dat het tarief niet hoger is voor producten uit andere lidstaten dan voor nationale producten. Toch erkende het College dat de heffing een handelsbeperkend effect kan hebben, omdat ondernemers die elders in de Gemeenschap aanlanden, mogelijk tweemaal betalen.
Het College concludeerde dat de verenigbaarheid van de heffing met het gemeenschapsrecht niet zonder twijfel kan worden vastgesteld en besloot prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie voor te leggen over de toepassing van artikel 25 en Pro 90 EG in deze context.
Uitkomst: Het College heeft prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie voorgelegd over de verenigbaarheid van de heffing met het gemeenschapsrecht.