ECLI:NL:CBB:2008:BF6372
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- B. Verwayen
- J.L.W. Aerts
- M. van Duuren
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke vernietiging afwijzing subsidieaanvraag scheepswerf wegens vaste bouwlocatie
Appellante had een subsidieaanvraag ingediend op grond van de Tijdelijke regeling ordersteun scheepsnieuwbouw, maar deze werd afgewezen omdat zij niet voldeed aan de definitie van scheepswerf, met name vanwege het ontbreken van een vaste bouwlocatie. Verweerder stelde dat het hebben van een vaste bouwlocatie een noodzakelijke voorwaarde was om als scheepswerf te worden aangemerkt.
Het College oordeelde dat hoewel het criterium van een vaste bouwlocatie een sterke indicatie kan zijn, dit niet betekent dat het ontbreken daarvan automatisch uitsluiting tot gevolg heeft. Zeker voor nieuwkomers zoals appellante moet ook gekeken worden naar andere omstandigheden, zoals het aantal te bouwen schepen en ontwikkelingskosten.
Appellante toonde aan meerdere schepen te willen bouwen en had aanzienlijke ontwikkelingskosten gemaakt. Bovendien was zij bezig met het verwerven van een pand aan de kade in Urk. Het College concludeerde dat appellante zich duurzaam richt op het bouwen van schepen en dat haar werkwijze niet wezenlijk verschilt van andere scheepswerven die wel subsidie ontvingen.
Daarom werd het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellante.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd, met veroordeling van verweerder in proceskosten.